Graszoden zelf leggen

Een graszode bestaat uit levend materiaal en vraagt daarom om een goede verzorging. In opgerolde toestand blijven de zoden zeker 24 uur in goede conditie. Om uitdroging en broei te voorkomen, mogen de opgerolde zoden niet in de felle zon worden gelegd. Is het niet mogelijk de zoden direct te verwerken, dan is uitrollen en met water besproeien noodzakelijk.

Voor een optimaal resultaat dient u de zoden op een goed voorbewerkte ondergrond te leggen, die voldoende vocht en voedingsstoffen bevat. De grond mag niet te nat zijn. Op een dichtgesmeerde grond zal de zode moeilijk aanslaan. Wacht dus tot de grond voldoende opgedroogd is.

Graszoden zelf leggen, de werkvolgorde:

1:

Voor u begint met het aanleggen van het nieuwe gazon is het verstandig de ondergrond eerst goed los te maken. Bij vernieuwing van het gazon dient de oude zode verwijderd of goed ondergespit te worden. Ook kunt u het oude gazon frezen.

2:

De voedingstoestand van de bodem kunt u verbeteren door er een laagje compost of bemeste tuinaarde te strooien; dit moet goed door de bovenste 10 cm van de losgemaakte grond worden gemengd. Ook kunt u een organische meststof kunnen gebruiken. Strooi de hoeveelheid die vermeld staat op de verpakking en hark dit door het bovenste laagje grond. Gebruik geen snelwerkende kunstmest onder de graszoden om verbranding van de jonge wortels te voorkomen. Ook het tegelijkertijd gebruiken van kalk en meststoffen is af te raden.

3:

Voor het leggen van de graszoden moet de ondergrond voldoende vast en volkomen egaal en vlak te zijn. Door voetje voor voetje de grond aan te drukken, maar ook door te rollen wordt de ondergrond goed aangedrukt. Met een hark wordt de grond geëgaliseerd. Het beste resultaat verkrijgt u door met een plank de grond te schaven: dit wordt afrijen genoemd. Afrijen voorkomt putten, bulten en een slechte, oneffen maaihoogte. Na het afrijen de grond licht losharken.

4:

Rol de zoden zo uit, dat deze strak tegen elkaar komen te liggen. Na het leggen van de zoden is stevig aanrollen of aankloppen met de achterkant van een schep noodzakelijk om goed contact met de ondergrond te krijgen.

5:

Na het aandrukken zoveel water geven dat de zoden door en door nat zijn. Bij zonnig weer zeker niet tot ’s avonds wachten! Water geven zolang de zoden nog niet vastgegroeid zijn, is bepalend voor het succes. De eerste paar weken heeft het gras in de felle zon wel 2 à 3 keer per dag de sproeier nodig.

6:

Vier tot zes weken na het uitrollen zijn de zoden vastgegroeid. Het gevaar van uitdrogen is dan veel minder groot. Vanaf nu is het bij droogte beter om één keer per week ’s avonds te sproeien.

7:

De eerste maand dient het gazon of speelveld nog voorzichtig te worden behandeld. De zoden moeten eerst stevig op de ondergrond vastgegroeid zijn.

8:

Afhankelijk van het jaargetijde zal er vrij snel na het leggen gemaaid moeten worden. Meestal is dat al na 1 week het geval. De maaimachine moet scherp en op de juiste maaihoogte (3 à 4 cm) afgesteld  zijn.

Wij wensen u veel plezier toe met uw nieuwe gazon! Heeft u nog vragen? Neem gerust contact met ons op.